De algebra van vectoren
Je kunt van vectoren nieuwe vectoren maken, net zoals je dat met getallen kunt.
Om twee vectoren in R op te tellen, gebruik je simpelweg de +-operator.
Vectoren kun je ook schalen door te vermenigvuldigen met een reëel getal (een scalar) met de *-operator.
Vermenigvuldiging van twee vectoren is theoretisch lastiger, maar in R is componentgewijze vermenigvuldiging toegestaan en doe je dat met de *-operator.
De vectoren x, y en z zijn alvast voor je ingeladen.
Deze oefening maakt deel uit van de cursus
Lineaire algebra voor data science in R
Oefeninstructies
Tel de vector
xop bij de vectoryen print het resultaat.Vermenigvuldig de vector
zmet de scalar2.Vermenigvuldig de vectoren
xenycomponentgewijs met elkaar en print het resultaat.Probeer de vector
xop te tellen bij de vectorz. Wat gebeurt er?
Praktische interactieve oefening
Probeer deze oefening eens door deze voorbeeldcode in te vullen.
# Add x to y and print
print(x ___ y)
# Multiply z by 2 and print
print(2 ___ z)
# Multiply x and y by each other and print
print(___ ___ y)
# Add x to z, if possible, and print
print(x + ___)