Niet-lineaire functies lineariseren
De microbrouwerij wil uitbreiden en Hoppiness landelijk aanbieden. Daarom moet de manager prijsbeslissingen nemen voor meer dan één winkel.
Winkels kunnen niet alleen verschillen in locatie, maar ook in activiteit en in het aantal verkochte volumes. Een oplossing is om het effect van veranderingen in PRICE te verklaren ten opzichte van veranderingen in SALES. Dit doe je door de log() van SALES te nemen. De bijbehorende relatie log(SALES) ~ PRICE wordt opnieuw geschat met de functie lm() en het resulterende niet-lineaire sales response-model wordt onderzocht aan de hand van de coëfficiënten.
Deze oefening maakt deel uit van de cursus
Responsmodellen bouwen in R
Oefeninstructies
- Verklaar
log(SALES)metPRICE. Gebruik de functielm()en sla het resultaat op in een objectlog.model. - Haal de modelcoëfficiënten op van het object
log.modelmet de functiecoef().
Praktische interactieve oefening
Probeer deze oefening eens door deze voorbeeldcode in te vullen.
# Explain log(SALES) by PRICE
log.model <- ___(___, data = sales.data)
# Obtain the model coefficients