Aan de slagGa gratis aan de slag

De cumulatieve dichtheid van de binomiale verdeling vergelijken

Als je 1000 munten gooit die elk 20% kans hebben op kop, wat is dan de kans dat je 190 of minder keer kop krijgt?

Je krijgt vergelijkbare antwoorden als je dit met de binomiale verdeling of met de normale benadering oplost. In deze oefening los je het op beide manieren op, met zowel simulatie als een exacte berekening.

Deze oefening maakt deel uit van de cursus

Basis van kansrekening in R

Cursus bekijken

Oefeninstructies

  • Gebruik de gesimuleerde binom_sample (meegegeven) uit de vorige oefening om de kans op 190 of minder koppen te schatten.
  • Gebruik de gesimuleerde normal_sample om de kans op 190 of minder koppen te schatten.
  • Bereken de exacte kans dat de binomiale verdeling <= 190 is met pbinom().
  • Bereken de exacte kans dat de normale verdeling <= 190 is met pnorm().

Praktische interactieve oefening

Probeer deze oefening eens door deze voorbeeldcode in te vullen.

# Simulations from the normal and binomial distributions
binom_sample <- rbinom(100000, 1000, .2)
normal_sample <- rnorm(100000, 200, sqrt(160))

# Use binom_sample to estimate the probability of <= 190 heads


# Use normal_sample to estimate the probability of <= 190 heads


# Calculate the probability of <= 190 heads with pbinom


# Calculate the probability of <= 190 heads with pnorm

Code bewerken en uitvoeren