or
Deze oefening maakt deel uit van de cursus
Hoe werken hypothesetoetsen en welke problemen lossen ze op? Je ontdekt het door de workflow voor een eensteekproefsproportietoets te doorlopen. Daarbij kom je belangrijke concepten tegen zoals z-scores, p-waarden en fout-negatief en fout-positief.
Huidige oefening
In dit hoofdstuk leer je hoe je verschillen in gemiddelden tussen twee groepen toetst met t-toetsen, en breid je dit uit naar meer dan twee groepen met ANOVA en paarsgewijze t-toetsen.
Tijd om verschillen in proporties tussen twee groepen te testen met proportietoetsen. In hands-on oefeningen breid je je proportietoetsen uit naar meer dan twee groepen met chi-kwadraat-onafhankelijkheidstoetsen, en ga je terug naar het eensteekproefgeval met chi-kwadraat-toetsen voor de goodness of fit.
Tot slot leer je over de aannames van parametrische hypothesetoetsen, en zie je hoe niet-parametrische toetsen worden gebruikt als niet aan die aannames wordt voldaan.