Itereren over reeksen
Nu je een UnitRange en StepRange kunt definiëren, kijken we hoe je over deze reeksen kunt itereren met de twee loops uit dit hoofdstuk. Je zag eerder dat als je alleen de variabele print, je de reeks zelf krijgt, niet de waarden erin. Om de waarden binnen de reeks te krijgen, kun je een loop gebruiken die over elke waarde in de reeks gaat.
Met een reeks kun je een startpunt instellen. Dat is ook handig als je niet over de reeks zelf itereert, maar over een ander datatype, waarbij je een reeks gebruikt om aan te geven waar je moet slicen.
In het eerste deel van deze oefening definieer je een reeks my_range en gebruik je daarna een for-loop om alle waarden in die reeks te printen.
In het tweede deel van deze oefening itereer je over dezelfde reeks, maar dan met een while-loop.
Deze oefening maakt deel uit van de cursus
Julia voor gevorderden
Praktische interactieve oefening
Probeer deze oefening eens door deze voorbeeldcode in te vullen.
# Define a range with start=1, stop=100, step=5
my_range = ____:____:____
# Iterate over my_range using a for loop, print results
for ____ in ____
println(____)
end