or
Deze oefening maakt deel uit van de cursus
Lussen zijn een van de kernconcepten van Julia. In dit hoofdstuk leer je over for-lussen en while-lussen, en hoe je ze gebruikt om te itereren over gegevensstructuren die je al kent. Je behandelt ook reeksen (ranges), een handig hulpmiddel om gegevensreeksen te genereren.
Huidige oefening
Dit hoofdstuk richt zich op het uitbreiden van je kennis van de beschikbare gegevensstructuren in Julia. Leer hoe je tuples, dictionaries, multidimensionale arrays en structs gebruikt om gegevens snel en efficiënt op te slaan en te doorlopen.
In dit hoofdstuk verdiep je je begrip van functies en verken je positionele, keyword- en standaardargumenten. Je behandelt ook het timen van code-uitvoering, zodat je goed leert meten hoe lang je code erover doet om te draaien. Het hoofdstuk sluit af met een eindopdracht waarin je je eigen functies schrijft om problemen uit de praktijk op te lossen.
In dit laatste hoofdstuk maak je kennis met anonieme functies en herhaal je een van de krachtige features van Julia: multiple dispatch. Je leert hoe je functies uit Python- en R-pakketten in Julia gebruikt en ontdekt hoe je gegevens in dataframes opschoont en aanpast.