or
Deze oefening maakt deel uit van de cursus
In dit hoofdstuk maak je je allereerste database met een set eenvoudige SQL-opdrachten. Daarna migreer je data uit bestaande platte tabellen naar die database. Je leert ook hoe je meta-informatie over een database kunt opvragen.
Na het bouwen van een eenvoudige database is het tijd om de functies te gebruiken. In dit hoofdstuk specificeer je gegevenstypen in kolommen, dwing je kolomuniciteit af en sta je NULL-waarden niet toe.
Nu duiken we in de best practices van database-engineering. Het is tijd om primary en foreign keys aan de tabellen toe te voegen. Dit zijn twee van de belangrijkste concepten in databases en vormen de bouwstenen waarmee je relaties tussen tabellen legt.
In het laatste hoofdstuk gebruik je foreign keys om tabellen te verbinden en relaties te leggen die je datakwaliteit sterk verbeteren. En je voert ad-hocanalyses uit op je nieuwe database.
Huidige oefening