Aan de slagGa gratis aan de slag

fread: geavanceerder gebruik

Nu je de basis van fread() kent, is het goed om ook twee argumenten van de functie te leren: drop en select, om variabelen te verwijderen of juist te selecteren.

Stel, je hebt een gegevensset met 5 variabelen en je wilt de eerste en de vijfde variabele behouden, met de namen "a" en "e". De volgende opties werken allemaal:

fread("path/to/file.txt", drop = 2:4)
fread("path/to/file.txt", select = c(1, 5))
fread("path/to/file.txt", drop = c("b", "c", "d"))
fread("path/to/file.txt", select = c("a", "e"))

We blijven even bij aardappels, want daar zijn we bij DataCamp dol op. De data staat opnieuw in het bestand potatoes.csv (view), met komma-gescheiden records.

Deze oefening maakt deel uit van de cursus

Introductie tot het importeren van data in R

Cursus bekijken

Oefeninstructies

  • Gebruik fread() met select of drop als argumenten om alleen de kolommen texture en moistness uit het flat file te importeren. Deze komen overeen met kolommen 6 en 8 in "potatoes.csv". Sla het resultaat op in een variabele potatoes.
  • Gebruik plot() op 2 kolommen van de potatoes-dataframe: texture op de x-as, moistness op de y-as. Gebruik twee keer de dollarnotatie. Geef je assen en plot gerust een naam.

Praktische interactieve oefening

Probeer deze oefening eens door deze voorbeeldcode in te vullen.

# Import columns 6 and 8 of potatoes.csv: potatoes
potatoes <- ___

# Plot texture (x) and moistness (y) of potatoes
___
Code bewerken en uitvoeren