Nog Pythonischer werken met dictionaries
Tot nu toe heb je veel met de keys van een dictionary gewerkt om data te benaderen, maar in Python is de voorkeursmanier om over items in een dictionary te itereren met de methode .items().
Die geeft elke key en value uit de dictionary terug als een tuple, die je in een for-lus kunt uitpakken. Je gaat hier nu mee oefenen.
We hebben een dictionary squirrels_by_park ingeladen, en de key Madison Square Park bevat een lijst met dictionaries.
Deze oefening maakt deel uit van de cursus
Datatypen in Python
Oefeninstructies
- Itereer over het eerste record in
squirrels_by_park["Madison Square Park"]en pak de items uit infieldenvalue.- Print elke
fieldenvalue.
- Print elke
- Herhaal dit voor het tweede record in
squirrels_by_park["Union Square Park"].
Praktische interactieve oefening
Probeer deze oefening eens door deze voorbeeldcode in te vullen.
# Iterate over the first squirrel entry in the Madison Square Park list
for ____, ____ in ____["____"][____].____():
# Print field and value
print(____, ____)
print('-' * 13)
# Iterate over the second squirrel entry in the Union Square Park list
____
# Print field and value
____