Een paar handige methoden
pop is een RasterLayer-object met de populatie rond de gebieden van Boston en NYC. Elke rastercel bevat simpelweg het aantal mensen dat in die cel woont.
Je zag in de vorige oefening dat print() een handige samenvatting geeft van het object, inclusief het coördinatenreferentiesysteem, de grootte van het raster (zowel in aantal rijen en kolommen als in geografische coördinaten) en wat basisinfo over de waarden die in het raster zijn opgeslagen. Maar dat was erg beknopt; wat als je enkele waarden in het object wilt zien?
De eerste manier is om het object gewoon te plot()ten. Er is een plot()-methode voor raster-objecten die een heatmap van de waarden maakt.
Als je de waarden uit een raster-object wilt halen, kun je de functie values() gebruiken, die een vector met de waarden ophaalt. Er zijn 316.800 waarden in het pop-raster, dus je wilt ze niet allemaal afdrukken, maar je kunt str() en head() gebruiken om even te spieken.
Deze oefening maakt deel uit van de cursus
Georuimtelijke data visualiseren in R
Oefeninstructies
- Roep
plot()aan oppop. Kun je zien waar NYC is? - Roep
str()aan opvalues(pop). - Roep
head()aan opvalues(pop).
Praktische interactieve oefening
Probeer deze oefening eens door deze voorbeeldcode in te vullen.
# Call plot() on pop
# Call str() on values(pop)
# Call head() on values(pop)