or
Deze oefening maakt deel uit van de cursus
Aan het begin van de cursus leer je fouten af te handelen met de TRY...CATCH-constructie die T-SQL biedt. Je bestudeert de anatomie van fouten en leert functies gebruiken die je informatie over fouten geven.
In dit hoofdstuk ga je dieper in op foutafhandeling. Je leert hoe je fouten kunt genereren met RAISERROR en THROW. Daarnaast ontdek je hoe je fouten kunt aanpassen.
Huidige oefening
In dit hoofdstuk maak je kennis met het concept transacties. Je ontdekt hoe je ze kunt committen en terugdraaien (rollback). Je sluit af met leren hoe je het aantal transacties en hun status kunt opvragen.
Dit hoofdstuk legt uit wat gelijktijdigheid is en hoe dit transacties kan beïnvloeden. Je leert interessante concepten zoals dirty reads, repeatable reads en phantom reads. Om dit soort reads te vermijden of toe te staan, verken je één voor één de verschillende isolatieniveaus voor transacties.