Aan de slagGa gratis aan de slag

Aftrekken van datums

Net als met numerieke waarden kun je ook rekenkunde doen op datums. Je kunt bijvoorbeeld het verschil tussen twee datums, in dagen, vinden door aftrekken te gebruiken:

today <- as.Date("2017-01-02")
tomorrow <- as.Date("2017-01-03")
one_year_away <- as.Date("2018-01-02")

tomorrow - today
Time difference of 1 days

one_year_away - today
Time difference of 365 days

Je kunt ook de functie difftime() gebruiken om het tijdsinterval te bepalen.

difftime(tomorrow, today)
Time difference of 1 days

# Met wat extra opties!
difftime(tomorrow, today, units = "secs")
Time difference of 86400 secs

Deze oefening maakt deel uit van de cursus

R voor finance voor gevorderden

Cursus bekijken

Oefeninstructies

  • Er is een vector dates voor je aangemaakt.
  • Je kunt met aftrekken bevestigen dat 1 januari 1970 de eerste datum is waarvan R begint te tellen. Maak eerst een variabele origin met "1970-01-01" als datum.
  • Gebruik nu as.numeric() op dates om te zien hoeveel dagen het sinds 1 januari 1970 zijn.
  • Trek ten slotte origin af van dates om de resultaten te bevestigen! (Let op hoe recyclen hier wordt gebruikt!)

Praktische interactieve oefening

Probeer deze oefening eens door deze voorbeeldcode in te vullen.

# Dates
dates <- as.Date(c("2017-01-01", "2017-01-02", "2017-01-03"))

# Create the origin
origin <- ___

# Use as.numeric() on dates
___

# Find the difference between dates and origin
___
Code bewerken en uitvoeren